Bij een strafbaar feit kunnen meerdere personen betrokken zijn. Het Wetboek van Strafrecht maakt onderscheid tussen daderschap en medeplichtigheid. De feitelijke bijdrage, het vereiste opzet en de samenwerking bepalen de juridische rol.
Vormen van daderschap
Artikel 47 Sr noemt plegen, doen plegen, medeplegen en uitlokken. Deze vormen kunnen, afhankelijk van de strafbepaling, bij misdrijven en overtredingen relevant zijn. Een eenvoudige verdeling in uitvoerder en helper is niet altijd voldoende.
Plegen
De pleger vervult de delictsomschrijving. Dat gebeurt vaak door eigen handelingen, maar daderschap kan ook via juridische toerekening worden beoordeeld. Kijk steeds naar de bestanddelen van het concrete feit.
Medeplegen
Bij medeplegen is een nauwe en bewuste samenwerking vereist. De bijdrage moet van voldoende gewicht zijn. Een voorafgaande uitdrukkelijke afspraak of het persoonlijk uitvoeren van ieder bestanddeel is niet altijd nodig. De rechter kijkt onder meer naar taakverdeling, voorbereiding, uitvoering en het belang van de bijdrage.
Alleen aanwezig zijn, van het plan weten of niet ingrijpen maakt iemand niet automatisch medepleger. Ook op de uitkijk staan is niet vanzelf medeplegen: de totale rol moet worden beoordeeld.
Doen plegen
De doen pleger laat een ander het feit uitvoeren, terwijl die uitvoerende persoon voor dat feit niet strafbaar is. De precieze reden voor die niet-strafbaarheid kan verschillen. De achterliggende persoon moet zelf voldoen aan de voorwaarden voor daderschap. Het onderscheid met uitlokking zit dus niet alleen in wie het plan bedenkt.
Uitlokken
De uitlokker brengt een ander opzettelijk tot het feit met een wettelijk genoemd uitlokkingsmiddel. Artikel 47 Sr noemt giften, beloften, misbruik van gezag, geweld, bedreiging, misleiding en het verschaffen van gelegenheid, middelen of inlichtingen. Ook het opzet op het uitgelokte feit en het verband met de uitvoering zijn belangrijk.
Gelegenheid, middelen en inlichtingen
Gelegenheid verschaffen
Je maakt het uitvoeren mogelijk, bijvoorbeeld door bewust een beveiligde toegang open te laten. Of dit uitlokking, medeplichtigheid of een andere rol oplevert, hangt onder meer af van het opzet en de samenwerking.
Middelen verschaffen
Je verstrekt bijvoorbeeld een sleutel of gereedschap dat voor het misdrijf wordt gebruikt. Het voorwerp alleen zegt nog niets over strafbaarheid: de bedoeling en de omstandigheden moeten worden vastgesteld.
Inlichtingen verschaffen
Je geeft informatie waarmee het feit kan worden gepleegd, bijvoorbeeld over een route of beveiliging. Ook hier moet de vereiste opzettelijke betrokkenheid worden bewezen.
Medeplichtigheid
Artikel 48 Sr ziet op opzettelijke hulp bij het plegen van een misdrijf en op het opzettelijk verschaffen van gelegenheid, middelen of inlichtingen voor het plegen daarvan. Medeplichtigheid aan een overtreding is volgens de algemene regeling niet strafbaar.
Hulp vóór of tijdens het feit
Ondersteuning vóór of tijdens het misdrijf kan medeplichtigheid opleveren. Alleen achteraf hulp verlenen valt niet automatisch onder artikel 48. Het kan wel een ander strafbaar feit opleveren, zoals begunstiging of heling. De timing en een eventuele vooraf gemaakte afspraak kunnen van belang zijn.
Kort onthouden
- Stel de bijdrage van iedere betrokkene afzonderlijk vast.
- Medeplegen verlangt nauwe en bewuste samenwerking en een voldoende gewichtige bijdrage.
- Uitlokking vereist een wettelijk genoemd middel.
- Medeplichtigheid is opzettelijke ondersteuning van een misdrijf, geen automatische kwalificatie voor iedere helper.
Bronnen en verdieping
Redactioneel nagekeken op 6 oktober 2026. Voor toepassing in een concrete situatie zijn de geldende wettelijke tekst en je eigen bevoegdheid bepalend.